Wij zetten ons in voor het algemeen belang

Contact

Lijst Babijn
Bakkersstraat 59
4501 RB Oostburg
Tel. : 0117 452945
E-mail : info@lijstbabijn.nl

  Interact Network 2018

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de Gemeente Sluis. I.v.m. invoering Wet Maatschappelijke Ondersteuning (W.M.O.) per 01-07-2006.

- Advies in opdracht van de gemeente Sluis -

 

Middelburg, november 2005

 

Zorgsteunpunten in de kleine

 

kernen van de gemeente Sluis

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Colofon

 

© Scoop 2005

 

Samenstelling

 

Jan Franse

 

Han Schellekens

 

in opdracht van de gemeente Sluis

 

Scoop

 

Zeeuws instituut voor Sociale

 

en Culturele Ontwikkeling

 

Achter de Houttuinen 8

 

Postbus 407

 

4330 AK Middelburg

 

Telefoon (0118)682500

 

Telefax (0118)625311

 

www.scoopzld.nl

 

Scoop@scoopzld.nl

 

Lay-out

 

Scoop

 

Drukwerk

 

Scoop

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Inhoudsopgave

 

1. Inleiding ..................................................................................................................7

 

2. Het beleid van de gemeente Sluis .......................................................................9

 

2.1 Woonvisie Sluis 2005-2015 ................................................................................9

 

2.2 Spreidingsplan zorgwoningen Zeeuws-Vlaanderen ............................................10

 

2.3 Ruimte voor Resultaat .......................................................................................10

 

2.4 Voorbereiding van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) .................11

 

2.5 Samenvattende conclusies .................................................................................11

 

3. De demografische ontwikkeling .........................................................................13

 

4. De voorzieningen, verenigingen en jaarlijkse activiteiten ...............................17

 

5. Zorgkruispunten, zorgsteunpunten, zorgwoningen en groepswoningen ......19

 

5.1 Het plattelandsscenario voor 2015 van de STAGG .............................................19

 

5.2 De vormgeving van zorgsteunpunten ................................................................19

 

5.3 Zorgwoningen en groepswoningen ...................................................................20

 

6. Zorgsteunpunten in de gemeente Sluis, samenvatting en conclusies ............21

 

Bijlagen

 

Bijlage 1: Toelichting bij de bevolkingsprognose per kern .............................................25

 

BIjlage 2: Voorzieningen ..............................................................................................27

 

6

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

7

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

De gemeente Sluis heeft Scoop gevraagd advies uit te brengen

 

over de gewenste zorginfrastructuur in de gemeente

 

voor de komende 10 jaar.

 

Met zorginfrastructuur wordt bedoeld wijksteunpunten

 

met zorg- en dienstverlening voor ouderen die in de nabijheid

 

wonen en die zorg nodig hebben. De te bieden zorg

 

gaat tot en met het niveau van zorg die in intramurale voorzieningen

 

(verzorgingshuizen en deels in verpleeghuizen)

 

wordt geboden. Doel van het beleid is immers ouderen zo

 

lang mogelijk in staat te stellen zelfstandig te blijven wonen

 

en een zelfstandig bestaan te blijven leiden.

 

Probleem is dat er onvoldoende middelen beschikbaar zijn

 

om in alle kernen van de gemeente een of meer wijksteunpunten

 

te realiseren.

 

De gemeente Sluis bestaat uit een vijftiental kernen

 

(bron: Onderzoek maatschappelijk draagvlak kernen,

 

M .Provoost, 28 juli 2005): 5 grotere (Oostburg, Breskens,

 

Sluis, Aardenburg en IJzendijke) en 10 kleinere (Cadzand,

 

Eede, Groede, Hoofdplaat, Nieuwvliet, Retranchement,

 

Schoondijke, Sint Kruis, Waterlandkerkje en Zuidzande).

 

De gemeente Sluis gaat ervan uit dat de vijf grotere kernen

 

sowieso voldoende potentie en draagvlak hebben voor één

 

of meer wijksteunpunten. Daarbij kan worden aangesloten

 

bij reeds bestaande (zorg)voorzieningen.

 

Naar verwachting van de gemeente kan om financiële

 

redenen in slechts vier of vijf van de tien kleine kernen een

 

wijksteunpunt worden gerealiseerd.

 

De vraag waarop het verzoek aan Scoop zich toespitst is

 

welke van de 10 kleine kernen vanuit demografisch en sociaal-

 

maatschappelijk oogpunt de beste mogelijkheden en

 

kansen bieden voor de realisatie van een wijksteunpunt.

 

Gevraagd is daarvoor de volgende factoren in kaart te

 

brengen:

 

· de demografische ontwikkeling per kern tot 2015,

 

· de aanwezige voorzieningen in de 10 kleine kernen

 

(op basis van de gemeentegids),

 

· het aantal verenigingen en de jaarlijkse evenementen

 

in de 10 kleine kernen als indicatoren van de sociale

 

cohesie (op basis van een door de gemeente verrichte

 

inventarisatie: Onderzoek maatschappelijk draagvlak

 

kernen, M. Provoost, 28 juli 2005),

 

· de mogelijkheden voor de realisatie van zorgwoningen

 

in de kleine kernen.

 

1. Inleiding

 

8

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Figuur 1: Kaartje gemeente Sluis met kernen

 

9

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Dit hoofdstuk geeft kort samengevat de relevantie weer

 

van enkele beleidsdocumenten en van activiteiten van de

 

gemeente Sluis voor de toekomstige zorginfrastructuur, te

 

weten;

 

· de Woonvisie Sluis 2005-2015,

 

· het Spreidingsplan zorgwoningen Zeeuws-Vlaanderen,

 

· het project Ruimte voor Resultaat,

 

· de voorbereiding van de Wet Maatschappelijke

 

Ondersteuning (WMO).

 

2.1 Woonvisie Sluis 2005-2015

 

In het Raadsprogramma 2003-2006 heeft de gemeenteraad

 

van Sluis aangegeven wat ze wil bereiken: “Woonruimte

 

scheppen voor de eigen inwoners in de kernen en daardoor

 

de leefbaarheid bevorderen. Zorgwoningen voor senioren.”

 

Blijkens de Woonvisie Sluis 2005-2015 is een vernieuwing

 

en verruiming van de woningmarkt noodzakelijk, die vooral

 

een toegevoegde waarde heeft ten opzichte van wat er al

 

is en die recht doet aan de kwaliteit van de woonomgeving.

 

De woningvoorraad moet worden uitgebreid en het

 

vestigingsklimaat en de (boven)lokale vraag moeten worden

 

versterkt door een sterke impuls op het terrein van recreatie

 

en zorg. Het aantrekken van vitale ouderen van buiten de

 

gemeente vereist niet alleen het bouwen van aantrekkelijke

 

woningen, maar ook een uitbreiding van voorzieningen op

 

gebied recreatie, cultuur e.d.

 

De Woonvisie constateert dat er mede gezien het vergrijzingsvraagstuk

 

behoefte is aan een extra aanbod van

 

zorgwoningen.

 

De nota “Zeeland Woonzorgland”(provincie Zeeland,

 

juli 2003) omschrijft het begrip zorgwoning als volgt:

 

“Zorgwoningen zijn geschikte (of geschikt gemaakte)

 

woningen, al dan niet geclusterd, waarbij vanuit een zorgcentrum,

 

woonzorgcentrum of ander zorgpunt 24-uurs

 

aanwezigheid van de AWBZ-zorg of directe beschikbaarheid

 

van AWBZ-zorg geregeld is”.

 

Voor heel Zeeuws-Vlaanderen gaat het om 600 zorgwoningen,

 

465 als gevolg van extramuralisering (dat wil

 

zeggen het vervangen van intramurale capaciteit vanuit

 

verzorgings- en verpleeghuizen door woningen) en 135 als

 

uitbreiding. Door middel van z.g. zorgkruispunten en/of

 

zorgsteunpunten moet een goede logistieke 24-uurs zorgverlening

 

worden gerealiseerd.

 

Een inventarisatie van projecten binnen de gemeente Sluis

 

maakt, aldus de Woonvisie, duidelijk dat er wordt gedacht

 

aan ruim 360 woningen, waaraan een vorm van zorg

 

gekoppeld zou kunnen zijn. Vooral in Breskens en Oostburg

 

worden relatief veel zorgwoningen (vooral ook in geclusterde

 

vorm) voorgesteld.

 

De Woonvisie geeft een samenvatting van de speerpunten

 

van beleid per kern. De speerpunten die betrekking hebben

 

op ouderen en op zorg zijn de volgende:

 

· Oostburg:

 

Uitbreiding van zorg (en de ontwikkeling van een zorg

 

kruispunt) in relatie tot transformatie van een deel van

 

de huurwoningvoorraad.

 

Substantieel uitbreiden voorraad woningen voor oude

 

ren (huur en koop) c.q. levensloopbestendig bouwen,

 

mede gericht op bevorderen doorstroming uit bestaande

 

huursector (o.a. ten behoeve van starters).

 

· Breskens:

 

Thema zorg in relatie tot transformatie en uitbreiding

 

ouderenwoningen verder uitbouwen (en in relatie tot

 

zorgkruispunt).

 

· Aardenburg:

 

Binnen de huursector zal er nadrukkelijk aandacht voor

 

ouderenhuisvesting in relatie tot zorg moeten zijn

 

(nieuwbouw en sloop/nieuwbouw).

 

· Cadzand-Dorp:

 

Wellicht transformatie van een aantal oudere eengezins

 

huurwoningen ten behoeve van kleinere huishoudens:

 

jong en oud.

 

2. Het beleid van de gemeente Sluis

 

10

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

· Eede:

 

Duidelijk accent op betaalbare koopwoningen en seniorenwoningen

 

Voor de overige kernen noemt de Woonvisie geen speerpunten

 

die specifiek betrekking hebben op ouderen en/of

 

op zorg.

 

2.2 Spreidingsplan zorgwoningen

 

Zeeuws-Vlaanderen

 

Op basis van de nota “Zeeland Woonzorgland” van de

 

provincie Zeeland zijn in 2003/2004 regionale spreidingsplannen

 

voor de zorgwoningen opgesteld.

 

Doel is het stimuleren van regionale spreiding, afstemming

 

en het daadwerkelijk realiseren van voldoende zorgwoningen

 

voor ouderen.

 

Met ondersteuning door Scoop is het spreidingsplan onder

 

regie van de drie Zeeuws-Vlaamse gemeenten opgesteld,

 

samen met woningcorporaties, zorgaanbieders en patiënten/

 

consumentenorganisaties. Het is door alle betrokken

 

partijen ondertekend en in juni 2004 goedgekeurd door

 

de provincie.

 

In juli 2005 is het spreidingsplan geactualiseerd in het rapport

 

“Monitoring spreidingsplannen zorgwoningen Zeeuws-

 

Vlaanderen” (Scoop juli 2005). De onderstaande tabel laat

 

op basis van gegevens verstrekt door de gemeente de stand

 

van zaken van het spreidingsplan voor de gemeente Sluis

 

zien per 1 november 2005.

 

Toelichting: de initiatieven hebben niet alleen betrekking

 

op zorgwoningen voor ouderen, maar ook voor mensen

 

met een (verstandelijke of lichamelijke) beperking of een

 

psychiatrische of psycho-sociale aandoening.

 

Kern Totale omvang

 

project

 

Intramuraal Zorgwoningen

 

Totaal

 

zorgwoningen

 

Gerealiseerd In

 

voorbereiding

 

Gepland

 

Cadzand 10 10 10

 

Eede 37 37 37*

 

Groede 12 12 12

 

Hoofdplaat 10 10 10

 

Nieuwvliet 12 12 12

 

Retranchement - 0 0

 

Schoondijke 12 12 12 0

 

Sint Kruis - 0 0

 

Waterlandkerkje - 0 0

 

Zuidzande - 0 0

 

Sub-totaal 93 93 12 81

 

Breskens 164 69 95 69 26

 

Oostburg 174 30 144 46 74 24

 

Sluis 16 16 16

 

Aardenburg 36 36 36

 

IJzendijke 21 21 21 0

 

Sub-totaal 411 99 312 67 143 102

 

Totaal gemeente Sluis 504 99 405 79 143 183

 

Tabel 2: Plannen voor zorgwoningen in de gemeente Sluis van 2004 tot 2010 (Bron: gemeente Sluis; cijfers spreidingsplannen

 

zorgwoningen Zeeuws-Vlaanderen per 1 november 2005)

 

* 27 bestaand ombouw

 

11

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

2.3 Ruimte voor Resultaat

 

Ruimte voor resultaat is een project van het Ministerie

 

van VWS, het Zorgkantoor Zeeland, de Zeeuws-Vlaamse

 

gemeenten, de provincie Zeeland, de zorgaanbieders, de

 

woningcorporaties en patiënten-/consumentenorganisaties.

 

Het project wil laten zien dat extramurale zorgverlening

 

(d.w.z. zorg voor mensen die thuis wonen) een daadwerkelijk

 

alternatief is voor intramurale zorg (d.w.z. 24-uurszorg

 

in instituten). Extramurale zorg stelt mensen in staat om zo

 

lang mogelijk in de eigen woon- en leefomgeving te blijven

 

wonen en de regie in eigen hand te houden.

 

Het project wil dit - tegen de achtergrond van de toenemende

 

vergrijzing - realiseren door:

 

· Wachtlijsten voor de zorg voor mensen met een AWBZindicatie

 

te verminderen of te beëindigen

 

· Extramurale zorg te realiseren voor deze mensen.

 

De betrokken partijen hebben in het kader van het project

 

gezamenlijk het Integraal Plan Wonen, Zorg, Welzijn opgesteld

 

en zich door middel van een intentieverklaring aan dit

 

plan gebonden. De Zeeuws-Vlaamse gemeenten stemden

 

in met de intentieverklaring onder voorbehoud van goedkeuring

 

door de gemeenteraden.

 

Het voorstel tot instemming met de intentieverklaring

 

wordt op 17 november 2005 behandeld door de gemeenteraad

 

van Sluis.

 

Met ingang van 1 april 2005 hebben de gezamenlijke zorgaanbieders

 

als vangnet de 24-uurs zorg gerealiseerd.

 

2.4 Voorbereiding van de Wet

 

Maatschappelijke

 

Ondersteuning (WMO)

 

Naar verwachting wordt in december 2005 het ontwerp

 

van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) in de

 

Tweede Kamer behandeld. De regering wil de wet per 1 juli

 

2006 laten ingaan.

 

De WMO is in dit verband van belang omdat met de komst

 

van deze wet de verantwoordelijkheden en taken van de

 

gemeente aanzienlijk zullen worden uitgebreid. Gemeenten

 

moeten ervoor zorgdragen dat burgers die problemen niet

 

zelf of met hulp vanuit hun sociale omgeving kunnen

 

oplossen ondersteuning wordt geboden. De wet geeft aan

 

op welke beleidsterreinen gemeenten zogenaamde “prestaties”

 

moeten leveren.

 

In de WMO zullen de huidige Welzijnswet, de Wet

 

Voorzieningen Gehandicapten (WVG) en delen van de

 

AWBZ worden opgenomen. Als eerste wordt de huishoudelijke

 

zorg overgeheveld van de AWBZ naar de WMO, te

 

zijner tijd gevolgd door verschillende vormen van begeleiding.

 

Voor wonen, zorg en welzijn zal de WMO derhalve van

 

grote betekenis zijn.

 

De gemeente Sluis kiest voor een integrale aanpak van de

 

plannen in het kader van het project Ruimte voor Resultaat

 

en de voorbereiding van de invoering van de WMO. Dat

 

gebeurt in nauwe samenwerking met de betrokken organisaties

 

(zorgaanbieders, woningcorporaties, de cliënten-/

 

patiëntenorganisaties, mantelzorgers en vrijwilligersorganisaties)

 

in de vorm van een bestuurlijke stuurgroep, een

 

projectteam en een projectleider van de gemeente.

 

2.5 Samenvattende conclusies

 

Samengevat kan worden geconcludeerd, dat de gemeente

 

Sluis streeft naar een integrale aanpak van wonen, zorg en

 

welzijn in de verschillende kernen van de gemeente.

 

Er is behoefte aan de realisatie van een flink aantal zorgwoningen.

 

De Woonvisie spreekt over ruim 360, het Regionale

 

Spreidingsplan Zorgwoningen voorziet in de realisatie van

 

405 zorgwoningen.

 

Over de situering van zorgwoningen in de 10 kleine kernen

 

noemt de Woonvisie bij de speerpunten per kern expliciet

 

Cadzand-Dorp (“Wellicht transformatie van een aantal

 

oudere eengezins huurwoningen t.b.v. kleinere huishoudens:

 

jong en oud”) en Eede (“Duidelijk accent op betaalbare

 

koopwoningen en seniorenwoningen”).

 

Het Spreidingsplan noemt de volgende van de 10 kleine

 

kernen als locatie voor te realiseren zorgwoningen:

 

Cadzand (10), Eede (37), Groede (12), Hoofdplaat (10),

 

Nieuwvliet (12) en Schoondijke (12).

 

De gezamenlijke zorgaanbieders hebben sinds 1 april 2005

 

als vangnet de 24-uurs zorg gerealiseerd. Van belang is

 

tenslotte naast wonen en zorg de nadere invulling en concretisering

 

van de welzijnsfuncties.

 

12

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

13

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Meer dan tweederde (68%) van de bevolking van de

 

gemeente Sluis woont in de vijf grootste kernen (Oostburg,

 

Breskens, Aardenburg, IJzendijke en Sluis). De kernen

 

Oostburg en Breskens zijn de grootste: zij herbergen bijna

 

40% van de gemeentelijke bevolking.

 

Bijna eenderde (32%) woont in de 10 kleine kernen.

 

Onderstaande tabel is gebaseerd op de bevolkingsprognose

 

van de Provincie Zeeland, die is gemaakt met

 

behulp van het IPB-model (IPB staat voor Interprovinciale

 

Bevolkingsprognose). Dit model houdt rekening met de

 

ontwikkeling van het geboortecijfer, de buitenlandse en

 

binnenlandse migratie in de afgelopen jaren.

 

Tabel 3: Totaal aantal inwoners per kern op 1 januari 2005

 

(reëel) en 1 januari 2015 (prognose)

 

Kern 2005 2015 Groei tussen

 

2005 en 2015

 

Absoluut %

 

Cadzand 890 1074 184 21

 

Eede 910 899 -11 -1

 

Groede 1112 1153 41 4

 

Hoofdplaat 800 855 55 7

 

Nieuwvliet 461 502 41 9

 

Retranchement 435 439 4 1

 

Schoondijke 1505 1513 8 1

 

Sint Kruis 358 341 -17 -5

 

Waterlandkerkje 546 530 -16 -3

 

Zuidzande 604 591 -13 -2

 

Aardenburg 2445 2219 -226 -9

 

Breskens 4645 4528 -117 -3

 

IJzendijke 2206 2049 -157 -7

 

Oostburg 5009 5084 75 1

 

Sluis 2399 2344 -55 -2

 

Gemeente Sluis 24539 24345 -194 -1

 

Bijlage 1 bevat een toelichting op de gebruikte methode

 

voor de bevolkingsprognose per kern.

 

NB1: De aantallen inwoners van de gemeente als geheel zijn inclusief de

 

inwoners van het gemeentedeel Biervliet. Maar de inwoners van dit deel van

 

de gemeente zijn niet opgenomen in de aantallen per kern.

 

NB2: De aantallen inwoners van de gemeente als geheel en van de kern

 

Cadzand op 1 januari 2005 zijn exclusief de asielzoekers die nog in het GBA

 

ingeschreven stonden op het adres van het voormalige AZC Hedenesse.

 

3. De demografische ontwikkeling

 

14

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Zoals uit bovenstaande tabel blijkt vermindert het aantal

 

inwoners van de gemeente Sluis in de komende 10 jaar. Bij

 

deze prognose is geen rekening gehouden met de ambitie

 

van de gemeente die is neergelegd in de Woonvisie. Het

 

uitbreiden van de woningvoorraad kan het aantal inwoners

 

doen toenemen.

 

De bevolking van de gemeente Sluis veroudert. Met andere

 

woorden: de gemeente Sluis vergrijst, zowel in absolute als

 

in relatieve zin.

 

Kern Leeftijd 2005 2015 Groei tussen 2005 en 2015

 

Absoluut %

 

Cadzand 60 t/m 79 jr 201 291 90 45

 

80 jr e.o. 32 42 10 31

 

Eede 60 t/m 79 jr 190 225 35 18

 

80 jr e.o. 55 59 4 7

 

Groede 60 t/m 79 jr 260 322 62 24

 

80 jr e.o. 41 46 5 12

 

Hoofdplaat 60 t/m 79 jr 149 194 45 30

 

80 jr e.o. 33 39 6 18

 

Nieuwvliet 60 t/m 79 jr 95 125 30 32

 

80 jr e.o. 17 20 3 18

 

Retranchement 60 t/m 79 jr 91 111 20 22

 

80 jr e.o. 36 39 3 8

 

Schoondijke 60 t/m 79 jr 279 338 59 21

 

80 jr e.o. 86 94 8 9

 

Sint Kruis 60 t/m 79 jr 68 79 11 16

 

80 jr e.o. 16 17 1 6

 

Waterlandkerkje 60 t/m 79 jr 104 123 19 18

 

80 jr e.o. 5 5 0 0

 

Zuidzande 60 t/m 79 jr 113 134 21 19

 

80 jr e.o. 28 30 2 7

 

Aardenburg 60 t/m 79 jr 508 552 44 9

 

80 jr e.o. 175 171 -4 -2

 

Breskens 60 t/m 79 jr 979 1143 164 17

 

80 jr e.o. 279 294 15 5

 

IJzendijke 60 t/m 79 jr 420 471 51 12

 

80 jr e.o. 153 155 2 1

 

Oostburg 60 t/m 79 jr 1060 1284 224 21

 

80 jr e.o. 397 433 36 9

 

Sluis 60 t/m 79 jr 541 632 91 17

 

80 jr e.o. 191 201 10 5

 

Gemeente Sluis 60 t/m 79 jr 5095 6072 977 19

 

80 jr e.o. 1547 1648 101 7

 

NB: De aantallen inwoners van de gemeente als geheel zijn inclusief de

 

inwoners van het gemeentedeel Biervliet. Maar de inwoners van dit deel van

 

de gemeente zijn niet opgenomen in de aantallen per kern.

 

Het aantal 60-plussers neemt voor de hele gemeente Sluis

 

tot 2015 toe met 16%.

 

Nu telt de gemeente 6642 (27%) 60-plussers; in 2015 zijn

 

dat er 7720 (32%), een toename in 10 jaar tijd van 1078.

 

Het aantal inwoners van 80 jaar en ouder neemt tot 2015

 

toe met 101 (oftewel met 7%). Het is deze leeftijdsgroep

 

die gezien de toenemende behoefte aan zorg vooral een

 

beroep zal doen op voorzieningen.

 

De mate van vergrijzing verschilt per kern, zoals blijkt uit de

 

volgende tabel en staafdiagrammen.

 

Tabel 4: Aantal 60-plussers per kern en leeftijdscategorie op 1 januari 2005 (reëel) en 1 januari 2015

 

(prognose)

 

15

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Verwachte groei van het aantal 60-plussers per kern

 

tussen 1 januari 2005 en 1 januari 2015 (absoluut)

 

0 50 100 150 200 250 300

 

Sint Kruis

 

Waterlandkerkje

 

Retranchement

 

Zuidzande

 

Nieuwvliet

 

Eede

 

Aardenburg

 

Hoofdplaat

 

IJzendijke

 

Groede

 

Schoondijke

 

Cadzand

 

Sluis

 

Breskens

 

Oostburg

 

Verwachte groei van het aantal 60-plussers per kern

 

tussen 1 januari 2005 en 1 januari 2015 (%)

 

0 5 10 15 20 25 30 35 40 45

 

Aardenburg

 

IJzendijke

 

Sluis

 

Breskens

 

Sint Kruis

 

Eede

 

Zuidzande

 

Waterlandkerkje

 

Oostburg

 

Retranchement

 

Schoondijke

 

Groede

 

Hoofdplaat

 

Nieuwvliet

 

Cadzand

 

16

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Op grond van de prognoses kunnen we voor de 10 kleine

 

kernen een top tien van het aantal 60- en 80-plussers in

 

2015 samenstellen, een gegeven dat van belang is voor de

 

realisatie van zorgsteunpunten en zorgwoningen.

 

Tabel 5: Rangorde van de 10 kleine kernen naar 60-plussers

 

en 80-plussers in 2015 in absolute aantallen

 

60-plus 80-plus

 

Schoondijke 432 Schoondijke 94

 

Groede 368 Eede 59

 

Cadzand 333 Groede 46

 

Eede 284 Cadzand 42

 

Hoofdplaat 233 Hoofdplaat 39

 

Zuidzande 164 Retranchement 39

 

Retranchement 150 Zuidzande 30

 

Nieuwvliet 145 Nieuwvliet 20

 

Waterlandkerkje 128 Sint Kruis 17

 

Sint Kruis 96 Waterlandkerkje 5

 

17

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Aan de hand van de gemeentegids van Sluis is van 32

 

voorzieningen geïnventariseerd of ze al dan niet aanwezig

 

zijn in de 10 kleine kernen. Bijlage 2 bevat hiervan een

 

overzicht.

 

De verenigingen en jaarlijkse activiteiten per kleine kern

 

zijn door de gemeente geïnventariseerd (Onderzoek maatschappelijk

 

draagvlak kernen, WCOS gemeente Sluis,

 

M. Provoost, juli 2005). Zij vormen een indicator van de

 

sociale cohesie in de kleine kernen.

 

Onderstaande staafdiagram geeft de resultaten weer van

 

de voorzieningen, de verenigingen en de jaarlijkse activiteiten

 

per kleine kern.

 

4. De voorzieningen, verenigingen en

 

jaarlijkse activiteiten

 

0

 

5

 

10

 

15

 

20

 

25

 

Cadzand

 

Eede

 

Groede

 

Hoofdplaat

 

Nieuwvliet

 

Retranchement

 

Schoondijke

 

Sint Kruis

 

Waterlandkerkje

 

Zuidzande

 

voorzieningen verenigingen jaarlijkse activiteiten

 

Voorzieningen, verenigingen en jaarlijkse activiteiten

 

18

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Groede 22

 

Schoondijke 20

 

Cadzand 17

 

Nieuwvliet 15

 

Eede 14

 

Retranchement 13

 

Waterlandkerkje 10

 

Hoofdplaat 9

 

Zuidzande 7

 

Sint Kruis 3

 

verenigingen jaarlijkse

 

activiteiten

 

Groede 24 Cadzand 11

 

Cadzand 23 Groede 10

 

Schoondijke 16 Retranchement 8

 

Eede 15 Schoondijke 7

 

Hoofdplaat 15 Nieuwvliet 6

 

Nieuwvliet 12 Hoofdplaat 4

 

Zuidzande 11 Waterlandkerkje 4

 

Waterlandkerkje 10 Zuidzande 4

 

Retranchement 8 Eede 3

 

Sint Kruis 6 Sint Kruis 2

 

Groede, Cadzand en Schoondijke komen zowel bij voorzieningen,

 

als bij verenigingen en jaarlijkse activiteiten in de

 

top vijf voor. Eede, Nieuwvliet komen ieder twee maal voor

 

in de top vijf en Hoofdplaat en Retranchement één maal.

 

Tabel 6: Rangorde van de 10 kleine kernen naar aantal voorzieningen

 

Tabel 7: Rangorde van de 10 kleine kernen naar aantal verenigingen en

 

jaarlijkse activiteiten

 

19

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Ook bewoners van kleine kernen op het platteland moeten

 

in hun eigen omgeving kunnen blijven wonen als zij zorg

 

en ondersteuning nodig hebben. Daarvoor zijn aangepaste

 

woningen en zorg- en dienstverlening een vereiste, maar

 

ook voorzieningen in de sfeer van welzijn, ontspanning,

 

cultuur en vervoer. Extramuralisering vergt dus ook investeringen

 

in de kwaliteit en de vitaliteit van het samenleven.

 

5.1 Het plattelandsscenario voor

 

2015 van de STAGG

 

De Stichting Architectenonderzoek Gebouwen Gezondheidszorg

 

(STAGG) heeft gekeken wat nodig is om ook

 

mensen op het platteland in staat te stellen zo lang mogelijk

 

in hun eigen woonomgeving te laten verblijven. Daartoe

 

heeft zij een plattelandsscenario opgesteld, bestaande

 

uit één grote kern (5000 inwoners) en twee kleine (2500

 

inwoners). (bron: Verblijven of wonen; Zorg voor een ieder,

 

STAGG, 2000)

 

Zij maken voor wat zorg en dienstverlening betreft onderscheid

 

tussen “haalfuncties”, “brengfuncties” en “interne

 

functies”.

 

Haalfuncties worden gehaald door de gebruiker, bijvoorbeeld

 

ondersteuning in het onderhouden en uitbreiden van

 

sociale contacten, recreatieve en culturele activiteiten, dagstructurering

 

en dagbesteding, reactivering en revalidatie.

 

Brengfuncties worden gebracht door de aanbieder, bijvoorbeeld

 

huishoudelijke zorg, lichamelijke verzorging, hulp bij

 

het verrichten van algemene dagelijkse activiteiten.

 

Bij interne functies worden wonen, zorg en dienstverlening

 

noodgedwongen op dezelfde locatie ondergebracht omdat

 

de intensiteit en frequentie van de zorg dat vereisen, bijvoorbeeld

 

in een verzorgings- of verpleeghuis.

 

Het plattelandsscenario houdt in dat in elk van de drie

 

kernen een voorziening is waar de haalfuncties zijn ondergebracht

 

voor de dorpsbewoners die daarvan gebruik

 

willen maken. Dat betekent dat in elke kern een ruimte

 

nodig is voor recreatieve en culturele activiteiten en voor

 

dagopvang, bijvoorbeeld in een dorpshuis, al dan niet in

 

combinatie met een school, een peuterspeelzaal of een

 

andere locale voorziening. Bereikbaarheid en vervoersmogelijkheden

 

zijn hierbij natuurlijk essentieel. In de kleine

 

kernen worden spreekuren gehouden en is 24-uurs zorg

 

beschikbaar, ondergebracht bij zorgwoningen of groepswoningen.

 

Om de continuïteit van de zorg te garanderen

 

is samenwerking tussen de verschillende zorgaanbieders

 

een vereiste. Maaltijden kunnen aan huis worden gebracht

 

vanuit een bedrijf of instelling. Waar nodig worden aanpassingen

 

in de woningen aangebracht.

 

In de grootste kern is een coördinatiepunt dat tevens voor

 

de kleine kernen functioneert, zo mogelijk gekoppeld aan

 

een zorgkruispunt. Het zorgkruispunt levert 24-uurs zorg,

 

zowel intern als aan wijkbewoners, het kan een klein

 

medisch centrum bevatten, dagopvang en een ziekenboeg

 

voor tijdelijke intensieve verpleging en terminale zorg.

 

Het coördinatiepunt fungeert als centraal loket, waar alle

 

vragen om zorg en dienstverlening binnenkomen en waar

 

geregeld wordt dat functies naar een bewoner kunnen

 

worden toegebracht, dan wel dat een bewoner naar een

 

of meer functies wordt gebracht.

 

5.2 De vormgeving van zorg

 

steunpunten

 

Een zorgsteunpunt is een gemeenschappelijke ontmoetingsruimte

 

gecombineerd met diensten en zorgfuncties en

 

met nog andere, eventuele commerciële, functies.

 

Uit ervaringen met de totstandkoming van zorgsteunpunten

 

op het platteland kunnen enkele conclusies worden

 

getrokken, die van belang zijn bij het ontwikkelen van

 

nieuwe zorgsteunpunten (bron: Zorg op het platteland,

 

IWZ, 2003):

 

5. Zorgkruispunten, zorgsteunpunten,

 

zorgwoningen en groepswoningen

 

20

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

·

 

·

 

·

 

·

 

·

 

·

 

5.3 Zorgwoningen en groepswoningen

 

Het plattelandsscenario van de STAGG gaat ervan uit dat de

 

meeste mensen in hun eigen huis zullen blijven wonen, al

 

dan niet met aanpassingen.

 

Voor mensen die intensieve zorg nodig hebben zijn zorgwoningen

 

(ook wel beschutte woningen genoemd) noodzakelijk.

 

Zorgwoningen worden liefst in groepjes bij elkaar

 

gesitueerd in de directe omgeving van een zorgsteunpunt.

 

Een (kleinschalige) groepswoning (ook wel clusterwoning

 

genoemd) is een woonvorm voor mensen die zowel

 

intensieve zorg als toezicht nodig hebben. Deze mensen

 

zijn – gezien hun geringe mobiliteit – voor hun

 

behoefte aan functies aangewezen op “interne levering”.

 

Groepswoningen zijn geschikt voor mensen met een (ernstige)

 

verstandelijke beperking of met dementie. Financieel

 

gezien kan een kleinschalige groepswoning al worden

 

gerealiseerd vanaf zes intensief zorgbehoeftige personen.

 

Groepswoningen worden bij voorkeur gekoppeld aan een

 

zorgkruispunt of tenminste gesitueerd bij een zorgsteunpunt

 

of dorpshuis.

 

Het inrichten van zorgsteunpunten vindt bij voorkeur

 

plaats in combinatie met bestaande gemeenschappelijke

 

ontmoetingsruimten en met andere functies.

 

In kleine kernen is zo’n combinatie vaak een

 

noodzakelijke voorwaarde. Gedacht kan worden aan

 

een dorpshuis, een peuterspeelzaal, een (voormalig)

 

kruisgebouw, een sportvoorziening, bibliotheek, een

 

cluster zorg- of groepswoningen, etc. Ook eventuele

 

commerciële functies (een winkel, een postagentschap,

 

een dorpscafé) kunnen hiervoor in aanmerking

 

komen.

 

Zorgsteunpunten zijn gerealiseerd in uiteenlopende

 

vormen en van verschillende omvang. Vrijwel iedere

 

vorm bestaat wel ergens in Nederland. Het gaat daarbij

 

om grote én kleine dorpen; zorgsteunpunten zijn

 

gerealiseerd in kernen uiteenlopend van 500 tot 5000

 

inwoners.

 

De ontwikkeling van zorgsteunpunten moet integraal

 

worden aangepakt vanuit wonen, zorg én welzijn. Zij

 

moeten bestemd zijn voor verschillende doelgroepen

 

(ouderen, chronisch zieken, mensen met een lichamelijke

 

of verstandelijke beperking, psychiatrische

 

cliënten).

 

Zowel bij de ontwikkeling als bij de uitvoering van

 

zorgsteunpunten is doorgaans een combinatie betrokken

 

van gemeente, woningcorporaties, welzijnswerk

 

en zorgaanbieder(s).

 

De financiering van zorgsteunpunten is bijna altijd

 

gemengd: gemeente, zorgaanbieders, woningcorporaties,

 

commerciële huurders en fondsen voor vernieuwing

 

en voor het bevorderen van de leefbaarheid.

 

Bijna altijd is er sprake van een stapeling van functies

 

en delen van ruimtes met andere partners.

 

21

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

In dit laatste hoofdstuk wordt onderscheid gemaakt tussen

 

drie categorieën van kernen binnen de gemeente Sluis:

 

Type I: dit zijn de vijf grotere kernen: Oostburg, Breskens,

 

Aardenburg, IJzendijke en Sluis.

 

Type II: dit zijn dié kleine kernen, die relatief hoog scoren

 

als het gaat om:

 

· de aantallen ouderen, met name 80-plussers, in 2015,

 

· het aantal aanwezige voorzieningen in de kern en,

 

· het aantal verenigingen en jaarlijkse activiteiten, als

 

indicator van de sociale cohesie.

 

Type III: dit zijn de kleine kernen die relatief laag scoren op

 

deze punten.

 

De type I -kernen hebben volgens de gemeente voldoende

 

potentie en draagvlak voor één of meer zorgsteunpunten;

 

waar mogelijk zijn of worden deze steunpunten gekoppeld

 

aan reeds bestaande zorgvoorzieningen respectievelijk aan

 

zorgkruispunten.

 

Deze opvatting sluit redelijk aan bij de wenselijkheid die

 

in de Woonvisie 2005-2015 wordt uitgesproken over de

 

bouw van 360 woningen met zorg die vooral in Breskens

 

en Oostburg, gekoppeld aan zorgkruispunten moeten worden

 

gebouwd, alsmede in Aardenburg.

 

In het kader van het Spreidingsplan zorgwoningen Zeeuws-

 

Vlaanderen (stand van zaken 1 november 2005) wil de

 

gemeente Sluis 405 zorgwoningen bouwen, waarvan er

 

312 in de vijf grotere kernen worden gerealiseerd. De zorgsteunpunten

 

worden bij voorkeur gecombineerd met de te

 

bouwen (clusters van) zorgwoningen.

 

Type II-kernen

 

Blijkens informatie van de gemeente zijn er middelen

 

beschikbaar voor 4 zorgsteunpunten in de kleine 10 kernen.

 

Zorgwoningen en zorgsteunpunten zijn vooral van belang

 

voor mensen die behoorlijk wat zorg nodig hebben. Dat

 

geldt met name voor de 80-plussers.

 

Kijken we naar het in 2015 aanwezige aantal 80-plussers

 

in de kleine kernen, dan tellen Schoondijke (94), Eede (59),

 

Groede (46) en Cadzand (42) de meeste 80-plussers. Louter

 

op grond van het toekomstige aantal 80-plussers zouden

 

deze kernen het meest in aanmerking komen voor het

 

realiseren van een zorgsteunpunt.

 

Het voorzieningenniveau, het aantal verenigingen en jaarlijkse

 

activiteiten vormen een indicatie van de vitaliteit van

 

de kleine kern. Juist in vitale kernen zouden zorgwoningen

 

en zorgsteunpunten kunnen worden gerealiseerd.

 

Groede, Schoondijke en Cadzand bevinden zich zowel bij

 

de inventarisatie van aanwezige voorzieningen, als bij het

 

aantal verenigingen en de jaarlijkse activiteiten bij de top 5.

 

Eede en Nieuwvliet komen hierin twee keer voor.

 

Gezien het toekomstige aantal 80-plussers en de scores

 

op voorzieningenniveau, aantal verenigingen en jaarlijkse

 

activiteiten kunnen Groede, Schoondijke, Cadzand en Eede

 

als type II-kernen worden beschouwd. Nieuwvliet heeft

 

weliswaar een goede score op voorzieningenniveau en

 

bij de jaarlijkse activiteiten, maar het aantal 80-plussers in

 

2015 is relatief laag (20).

 

De type II-kernen komen na de type I-kernen in aanmerking

 

voor de realisering van een zorgsteunpunt.

 

Tot type III-kernen behoren derhalve: Nieuwvliet, Hoofdplaat,

 

Retranchement, Waterlandkerkje, Zuidzande en Sint Kruis.

 

Andere overwegingen die van belang zijn voor de keuze uit

 

de 10 kleine kernen voor realisatie van een zorgsteunpunt:

 

· geografische factoren, zoals spreiding over de gemeente,

 

bereikbaarheid en de situering ten opzichte van de

 

grotere kernen,

 

· vervoersmogelijkheden,

 

· het aantal te realiseren zorgwoningen: hoe groter een

 

cluster zorgwoningen, hoe noodzakelijker de kop-

 

6. Zorgsteunpunten in de gemeente

 

Sluis, samenvatting en conclusies

 

22

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

peling daaraan van een zorgsteunpunt en hoe groter

 

de mogelijkheden om dat zorgsteunpunt te financieren;

 

op dat punt springt Eede eruit bij de kleine kernen:

 

volgens het Spreidingsplan zorgwoningen zullen in

 

Eede 37 zorgwoningen worden gebouwd tegen aantallen

 

van 10 tot 12 zorgwoningen in andere kleine kernen.

 

· de huisvesting van en zorg voor andere mensen met

 

een zorgbehoefte dan ouderen, zoals mensen met een

 

lichamelijke of verstandelijke beperking of met psychiatrische

 

aandoeningen.

 

Dit advies beoogt gegevens en overwegingen te presenteren

 

met behulp waarvan de gemeente Sluis een keuze kan

 

maken voor de realisatie van zorgsteunpunten in de 10

 

kleine kernen van de gemeente.

 

23

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Bijlagen

 

24

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

25

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Bijlage 1: Toelichting bij de bevolkingsprognose per kern

 

We hebben een prognose gemaakt van het aantal inwoners per kern in de gemeente Sluis op 1 januari 2015 voor de

 

volgende leeftijdscategorieën:

 

- 0 t/m 14 jaar;

 

- 15 t/m 29 jaar;

 

- 30 t/m 59 jaar;

 

- 60 t/m 79 jaar;

 

- 80 jaar en ouder.

 

Deze prognose is gemaakt door uit te gaan van de gerealiseerde leeftijdsopbouw van de gemeente en de kernen op

 

1 januari 2005 én de door de Provincie Zeeland opgestelde prognose van de leeftijdsopbouw van de gemeente op 1

 

januari 2015.

 

In onze prognose hebben wij rekening gehouden met de ontwikkeling in de relatieve omvang van de leeftijdscategorieën

 

van de gemeente tussen 2005 en 2015. Ook de trendmatige ontwikkeling van het totaal aantal inwoners per kern over

 

de afgelopen vijf jaar is meegewogen in onze prognose.

 

Voor de aantallen inwoners per kern op 1 januari 2001 en 2002 hebben we gebruikt gemaakt van gegevens van het

 

Centraal Bureau voor de Statistiek. Deze aantallen zijn per kern aselect afgerond op veelvouden van 5. Het totaal aantal

 

inwoners van de gemeente is exclusief het aantal inwoners in ‘overig Oostburg’. Het gaat zowel in 2001 als in 2002 om

 

(afgerond) 5 personen.

 

De aantallen inwoners per kern en leeftijdscategorie op 1 januari 2003, 2004 en 2005 zijn geleverd door de gemeente

 

Sluis.

 

Om de invloed van de aanwezigheid van het Asielzoekerscentrum Hedenesse in Cadzand, dat in oktober 2003 gesloten

 

is, te elimineren, hebben we het volgende gedaan. Voor de gemeente als geheel en voor de kern Cadzand is het aantal

 

inwoners verminderd met het aantal asielzoekers in het AZC Hedenesse dat in de Gemeentelijke Basisadministratie

 

Persoonsgegevens (GBA) is ingeschreven. De aantallen zijn verstrekt door de gemeente Sluis. Voor de jaren 2001 en

 

2002 is het aantal geschat; we zijn hierbij uitgegaan van de maximale capaciteit van het AZC Hedenesse.

 

26

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

27

 

Zorgsteunpunten in de kleine kernen van de gemeente Sluis

 

Voorzieningen

 

Cadzand

 

Eede

 

Groede

 

Hoofdplaat

 

Nieuwvliet

 

Retranchement

 

Schoondijke

 

Sint Kruis

 

Waterlandkerkje

 

Zuidzande

 

Reddingsbrigades x x

 

Markten x

 

Ondern. organ xx xx x x

 

Post xx x x x x x x

 

Archeologie xx

 

Bibliotheken/bibliobus x x x x x x x x x

 

Musea x x

 

Theater x

 

VVV x x x x

 

Dierenartsen

 

Dierenopvang x x

 

Wonen/sport/ontsp. gehand. x x

 

EHBO x x

 

Fysiotherapie x x x x

 

Geestelijke gezondheidszorg x

 

Homeopathie x

 

Huisartsen x x

 

Logopedie x

 

Altenatieve geneeswijzen x xx x

 

Patientenbelangen x x x x x x x x

 

Psychotherapie x x x

 

Yoga x

 

Kinderopvang x

 

Peuterspeelzalen x x x x

 

Scouting

 

Scholen x x x x x x xxx x x

 

Huisvesting ouderen x

 

Sportaccommodaties x x x x xx x xxxx x x

 

Dorpshuizen x x xx x x

 

Begraafplaatsen x xx xx xx x x x x x x

 

Zonnebloem x x x x x

 

Dorpsraden x x x x x x x x x x

 

Totaal 17 14 21 9 15 13 20 3 10 7

 

Verenigingen/jaarlijkse act.

 

Verenigingen 23 15 24 15 12 4 16 6 10 11

 

Jaarlijkse activiteiten 11 3 10 4 6 8 7 2 4 4

 

Bijlage 2: Voorzieningen

 

(Bronnen: gemeentegids; onderzoek maatschappelijk draagvlak kernen, WCOS gemeente

 

Sluis, M. Provoost, juli 2005)